Eindelijk een goede reden om te reorganiseren: “Corona”

Wie medeburgers goed beluistert weet dat verschillende organisaties en bedrijven nu reeds reorganiseren en herstructureren. Covid-19 plunderde de orderboekjes bij bepaalde bedrijven, maar vaak ook niet, en ook zorginstellingen en andere organisaties lijken “onder het mom van de crisis” plannen door te drukken. Een efficiëntie-oefening om zaken rendabel te houden verglijdt zo in sociale drama’s die nauwelijks in de media komen.

Een crisis is een ideaal moment om te bekijken wat beter kan in de toekomst. En terecht vragen organisaties en bedrijven zich af wat ze moeten doen om straks het hoofd boven het water te houden, mocht de aangekondigde recessie hard toeslaan.

Maar ook andere plannen die perfect uitvoerbaar bleken worden opgedoekt om meer rendabele activiteiten te installeren. En dat gaat ten koste van de dienstverlening en de menselijkheid.

Enkele voorbeelden

Zo schafte een zorginstelling haar volledige afdeling “persoonlijke begeleiding” af om er een kleine winkel te vestigen waar producten – gemaakt door de bewoners – verkocht zullen worden. Het personeel wist van niks.

Zo kregen medewerkers van een afdeling in een tuinwinkel ’s avonds een telefoontje met de vraag om de dag erop in een andere winkel, een dorp verder, te gaan werken. Er was te weinig werk. Aan de basis ligt echter een intern meningsverschil over visie en management.

Een jongeman die nog maar net opgeleid was door het bedrijf kreeg de boodschap dat ze opnieuw zouden opstarten, maar dat hij niet meer dan 1 werkdag per week mocht komen werken. Waarom? Nochtans stonden de opdrachten ingevuld voor de komende maanden. Vraagteken.

Een vrouw die een contract ondertekend had om te werken bij mensen met een mentale beperking in de dagbesteding, kreeg een tijdelijke opdracht als schoonmaakster. Ze was blij dat ze werk had. Maar toen de dagbesteding terug openging mocht ze niet terug beginnen. Het was schoonmaken of zoeken naar een andere job. Vraagteken.

Wat bindt deze verhalen?

Wat typeert is dat het allemaal “onder het mom” van de gezondheidscrisis gebeurt. En wat de verhalen nog meer verbindt is dat het telkens over ingrepen gaat waar je als gewone werknemer niks tegen in te brengen hebt. De vakbonden hebben er weet van maar ze doen er niks mee.

Waarom?

Wel, iedereen – en dat weten bepaalde werkgevers zeer goed – is bang om een job te verliezen. En op die angst wordt geteerd om – vaak lang vooraf, uitgestippeld beleid – zonder dralen uit te voeren.

Als dit het is?

Als dit het is wat ons straks in grote omvang te wachten staat dan is het maar de vraag of en hoe werknemers kunnen volhouden. Werknemers in grotere bedrijven hebben het al moeilijk om hun eisen kracht bij te zetten, maar velen beschikken niet over voldoende mobilisatiekracht om dit soort ingrepen aan de kaak te stellen.

Als dit het is wat ons te wachten staat, omdat men terug wil naar het oude model, dan is er ook een gevaar voor het installeren van een autocratisch, feodaal model waar niemand ontzien wordt. Paul Verhaeghe, psycholoaniticus, zei daarover in Sampol het volgende: “Wat ik vrees is een evolutie naar een nieuw feodaal tijdperk, met één procent overlords die niet langer in een kasteel maar wel in ‘gated communities’ of op ‘private islands’ wonen. Die een deel van de 99 procent inhuren voor de bediening van een grotendeels gerobotiseerde economie en een nog groter deel om als ‘warrior cops’ hun klassegenoten op afstand te houden.”

Aan overheid, vakbonden en werkgeversorganisaties om hier paal en perk aan te stellen. Aan de media om hierover kritischer te berichten.

Thomas Holvoet