Een goed herstel gewenst!

“Het is algemeen aanvaard dat een wielrenner na een zware blessure vaak sterker voor de dag komt”, zei Michel Wuyts, verslaggever bij Sporza, na de eclatante overwinning van Wout Van Aert in Milaan – San Remo. Het verhaal achter zo’n herstel wekt verwondering.

De carrière van Wout Van Aert had vorig jaar eigenlijk voorbij kunnen zijn. Na zijn zware val in de Ronde van Frankrijk was zijn been dusdanig verwond dat zijn professionele toekomst als wielrenner aan een zijden draadje hing. Maandenlang vocht Van Aert zich doorheen een revalidatie.

Volgens Michel Wuyts is zo’n herstelperiode de hel. Maar ook louterend. Je wordt terug gegooid op jezelf en je leert omgaan met de onzekerheden in het leven, al blijft zoiets zwaar: fysiek en mentaal.

Maar waarom sterker nadien?

Volgens Wuyts wordt er tijdens de revalidatie zeer gericht geoefend op de spiermassa’s rond de blessure. Er wordt voluit gebruik gemaakt van zo’n periode om bepaalde delen van het lichaam sterker te maken, wat tijdens het gewone seizoen eigenlijk onmogelijk is. Tijdens het gewone seizoen gaat alle energie naar het in vorm brengen en houden van het volledige lichaam. Een renner is zich echter wel bewust van “die tere schouder” of “de terugkerende krampen in de enkel”, maar daar moet hij zich doorheen bijten. Aansterken op de zwakkere plaatsen vraagt immers veel bijstand en gerichtheid, waarvoor meestal de tijd ontbreekt.

Maar dan gebeurt er iets

In het geval van Wout Van Aert was dat een val. Zijn been moest herstellen, en nadien opnieuw aan kracht winnen door kinesitherapie en training.

Zijn herstel verliep goed, maar er zijn voorwaarden aan verbonden. Zo kon hij rekenen op een goed medisch team, een psycholoog, en een werkgever die hem de tijd gunde om dat herstel waar te maken. Daarnaast komt er ook een portie “geluk” aan te pas. Een goed herstel kun je nooit afdwingen, hoe graag we dat ook denken.

Werken aan de plaatsen rond de verwondingen?

Uiteindelijk moet je stelpen, ontsmetten, helen, genezen. Die wonde moet dicht, punt. Maar wat betekent dicht als de littekens blijven?

Met het verhaal van Wout Van Aert, waarbij ingezet werd op het versterken van de spieren rond de wonde is er misschien het inzicht dat het om veel meer gaat dan die wonde zelf. Een psychische instorting, een zware tegenslag, een breuk in een relatie of vriendschap helen lukt niet enkel door te werken aan het herstel van de wonde.

Het versterken van de contouren rond de wonde creëert daarom perspectief. Vooreerst is er een gerichtheid op andere, belangrijke zaken die voor jou betekenis-gevend zijn. En dat is hoogst persoonlijk in te vullen: een goede vriendschap, creatief bezig zijn, die dagelijkse wandeling, een tuintje onderhouden, je kunt het zo gek niet bedenken.

Wat is (nog) van betekenis?

Kernvraag: “wat is voor jouw leven van betekenis? En waaraan besteedt je die éne gram energie op het ogenblik (“hier en nu”) dat de pijn van de wonde te dominant en te sterk is?

Die éne gram dus. Moeilijk. Maar onmogelijk? Misschien is het gewoon uitspreken van dat andere of er over dromen reeds perspectief maken, naar jezelf kijken en zien: ik val niet samen met mijn wonde. Die is er wel, maar…. er is ook iets anders, hoe klein ook?

Het kan, het kan niet, ook voor ons

De gerichtheid op het aansterken van het gebied rond de verwondingen, om er nadien sterker uit te komen, lijkt aannemelijk. Zelfs verleidelijk. En dan spreken we over de kwetsuren in het leven waar één ieder mee te maken krijgt.

Het is verleidelijk omdat het vertrouwen schenkt dat een zekere gerichtheid op die andere gebieden in je leven – zonder daarom in de actie te treden (erover dagdromen is in de feiten al voldoende) – biedt een grotere kans tot een beter en veel sterker herstel. Maar dan moet wel voldaan worden aan voorwaarden. En we weten allemaal dat die er vaak gewoon niet, of onvoldoende zijn.

Maar het is ook verraderlijk, want herstel hangt ook af van factoren die moeilijk te installeren zijn zoals temperament, een portie geluk en eerdere kwetsuren.

Laat het ons bekijken als een inzicht, meer dan als een opdracht. Wie de moed opneemt dit inzicht, naar eigen vermogen, te overwegen, mag nooit vergeten tegelijk nederig te blijven. Het hangt werkelijk niet enkel af van onze eigen inspanningen. Helemaal niet. Een psycholoog of therapeut die de inspanningen van een cliënt of patiënt teveel centraal stelt doet onrecht aan wat ongrijpbaar blijft. Bijvoorbeeld de maatschappelijke context die vaak onverbiddelijk is.

Een mens met een wonde helen verdient geen stappenplan, maar een open en luisterende, nederige houding: bij de omgeving, de hulpverlening, de persoon zelf. Eenvoudig? Nee. Mogelijk? Een dagdroom lijkt een goed begin.

Thomas Holvoet