De grote weg van het Niet-Weten

Een spirituele weg wordt heel vaak geassocieerd met een zoektocht. Mensen gaan op zoek naar waarheid, naar authenticiteit, naar zingeving; iets wat het dagelijkse, het onbestendige overstijgt. Hunkeren we niet allemaal naar verbondenheid en heelheid, naar schoonheid ook?

Wanneer vallen de schellen van onze ogen?

Maar hoe moeten we zoeken? En waar (te beginnen)? Er zijn zoveel spirituele stromingen. Zeker dezer dagen zijn zoveel soorten “spirituele praktijk” toegankelijk geworden via media, via centra en leraren. Niet zelden houden deze stromingen er theorieën en studie op na, de ene al complexer dan de andere. Je zou er warempel het Noorden van kwijt raken. En dat is wat ook wel vaker gebeurt. Hoeveel mensen hoppen niet van de ene spirituele praktijk en/of leraar naar de andere? Is het wezen van spiritualiteit dan niet universeel en (dus) ook eenvoudig?

Paradoxaal genoeg beweren mystici uit alle religieuze stromingen en tradities dat we afstand moeten doen van wat we (menen te) weten én dat we ons zoeken net moeten staken en ons met heel ons hart moeten richten op dat wat zich hier en nu in ons leven aandient. Pas als we durven loslaten, niet-weten en ons overgeven aan het leven, opent zich een nieuwe dimensie, vallen de schellen van onze ogen en zien en ervaren we ons leven vanuit een ander perspectief.

The Pursuit of Happiness — The Voyage of not Knowing | by Chris Herd |  Medium

“Hij heeft de weg gevonden, want hij zegt dat hij het niet weet”

Bewust afstand nemen van willen, zoeken, overwegen, vergelijken en oordelen wordt aldus aanzien en benoemd als een goede en betrouwbare weg. In plaats daarvan worden een onbevangen en onbevreesde openheid, ontvankelijkheid en waakzaamheid voorop gesteld.

Jezus verwijst hiernaar wanneer hij zegt dat “wie niet wordt als een klein kind, het rijk der hemelen zeker niet kan binnen gaan”? (Mc 10,15)

En ook in de vroege christelijke mystiek van de kerkvaders vinden we aansporingen terug om afstand te nemen van wat we weten of menen te weten. In de Apophtegmata Patrum (verhalen en gezegden van de Koptische woestijnmonniken – Egypte 4° eeuw) vinden we het volgende verhaaltje terug :

Eens kwamen er oude mannen naar de abt Antonius en de abt Joseph was onder hen. En de abt Antonius bracht het gesprek op de Heilige Schriften. Hij wilde hen namelijk op de proef stellen. Antonius begon eerst de jongere monniken te bevragen over wat dit of dat woord zou kunnen betekenen. Ieder van hen antwoordde zo goed als hij kon. Maar hij zei tot hen: je hebt het nog niet gevonden. Na hen, zei hij tot de abt Joseph: welke zou volgens u de betekenis van dit woord kunnen zijn? En Joseph antwoordde: “Ik weet het niet”. En de abt Antonius zei: “Waarlijk, de abt Joseph heeft als enige de weg gevonden want hij zegt dat hij het niet weet”. (1)

noyons.com - Beelden en achtergrond H. Antonius Abt kerk te Scheveningen
Antonius Abt (kerk Scheveningen)

De jongere monniken laten zich duidelijk verleiden tot exegetische uiteenzettingen over de teksten die onderwerp uitmaken van het gesprek. Maar de wijze ouderling Joseph laat zich niet in het dialectische web strikken en wijst alle dualiteit af door te zeggen “ik weet het niet”. Het feit dat deze woorden door Antonius bekrachtigd worden, verleent hen een grote autoriteit. Antonius was immers niet de eerste de beste en stond in zijn tijd en lang daarna aangeschreven als een groot spiritueel voorbeeld.

Zwijgen is niet-weten

In de dertiende en veertiende eeuw vinden we deze spiritualiteit van niet-weten eveneens terug bij de grote christelijke mystici van die tijd : Juliana van Norwich, Catharine van Sienna, Jan van Ruusbroec, Geert Groote en Meister Eckhart.

Meister Eckhart, vrijzinnig avant la lettre | GODEN EN MENSEN
Meister Eckhart

Zwijgen is niet-weten, daar laat Eckhart geen twijfel over bestaan. Het is een zuiver openstaan voor dat wat aan alle mogelijke invullingen en voorstellingen die wij eraan kunnen geven ten grondslag ligt:

‘Het moet zijn in een stilte en een zwijgen dat dit woord gehoord wil worden. Men kan dit woord niet beter tegemoetkomen dan met stilte en zwijgen: daar kan men het horen en daar verstaat men het op de juiste manier, in het on-weten. Waar men niet weet, daar bewijst en openbaart het zich.’ (2)

De Grote Weg in het boeddhisme

Ook in de boeddhistische zentraditie neemt het mystieke en “niet-weten” een voorname plaats in. Meditatieoefeningen, koanpraktijk (3) en rituelen zijn allen bedoeld als methodische hulpmiddelen om los te komen van dialectiek teneinde op een dieper niveau verbinding te kunnen maken met “ons-zelf” en “al-wat-is”. En doorheen de eeuwen zijn zenteksten doorspekt met deze agnostische didactiek.

Nemen we als voorbeeld de Xinxinming (ShinJinMei), een geschrift uit de 6° eeuw toegeschreven aan de derde Chinese patriarch Jianzhi Sengcan (496?-606).

  • “De Grote Weg is niet moeilijk voor wie er geen voorkeuren op nahoudt.”
  • Wanneer begeerte en aversie niet aan de orde zijn, wordt alles helder en onversluierd.”
  • Maak echter het kleinste onderscheid, hemel en aarde worden onmetelijk van elkaar gescheiden…
  • “Indien je de werkelijkheid wil zien, verzaak dan aan oordelen voor of tegen.
  • De strijd van voorkeur en afkeer is de ziekte van de geest…
  • De Weg is volmaakt zoals de onmetelijke ruimte, waar niets ontbreekt en niets te veel is. Waarlijk, het is door het begeren en verwerpen dat alles versluierd raakt…
  • Wanneer denken ons bindt, is de waarheid versluierd.”
  • Want alles wordt duister en troebel en troebelheid zorgt voor ergernis en vermoeidheid
  • Wat baat het om verschil en scheiding te maken? …
  • Via geest naar Geest zoeken, is de grootste van alle stommiteiten.
  • Rust en rusteloosheid komen voort uit illusie ; in ontwaken is er geen goed noch kwaad. Alle dualiteiten komen voort uit zinloze overwegingen; Ze zijn als dromen van bloemen in de lucht. Waarom zou je ernaar grijpen? …” (5)

De Koans van Hongzi

Het boek van Gelijkmoedigheid of Boek van Sereniteit is een compilatie van Wansong Xingxiu, gepubliceerd in 1224. Het boek bevat een collectie van 100 koans, geschreven door de Zenboeddhistische meester Hongzhi Zhengjue (1091-1157) met commentaren door Wansong zelf. Het boek is de enige bron voor de koans van Hongzhi. Koan 20 gaat als volgt:

De monnik Fayan ging op pelgrimstocht; Meester Dizang vroeg hem “Waar ga je heen”? Fayan antwoordde: “op pelgrimstocht”. Dizang vroeg hem: “Waarom”? waarop Fayan antwoordde: “Ik weet het niet” Daarop zei meester Dizang: “niet-weten is het meest intieme”

Maar goed, dit zijn overwegingen en aanbevelingen uit verschillende tradities. De hamvraag is dan hoe we dit concreet gestalte geven in ons leven hier en nu…

Hoe kunnen we ons oefenen in niet-weten? Hoe voeden we een attitude waarin we ons leven met alle wisselende omstandigheden onbevangen en onbevooroordeeld tegemoet treden?

Niet-weten als gave

Eén ding is zeker; dit komt niet uit de lucht gevallen… én het is niet iets wat je op een paar weken of maanden voor mekaar hebt. Het is een kwestie van levenslang volhardend oefenen. En anderzijds is het toch ook een gave, een geschenk dat ons gegeven wordt… Want in wezen kunnen we niets forceren en alle waardevolle dingen vragen tijd en geduld. We kunnen enkel de omstandigheden creëren waarin zich deze openheid kan ontplooien.

Zen, Zen-tuin, Japanse Zen-tuin, meditatie

De vier peilers om dat te doen zijn jezelf informeren, contact met voorbeelden en andere zinzoekers, meditatie en waakzaamheid in het dagelijkse leven.

Informatie is in elk leerproces een belangrijke pijler. Ook in deze groei naar onbevangen openheid is dat niet anders. Tegenwoordig is er heel veel informatie te vinden. De moeilijkheid is dus vooral om het kaf van het koren te scheiden. Over het algemeen is betrouwbare informatie transparant, niet geheim en voor iedereen toegankelijk (dus niet complex en betaalbaar, democratisch). Waar voorwaarden gesteld worden (en dus afhankelijkheid wordt gecreëerd), is er meestal iets niet pluis.

De meeste mensen kunnen deze weg niet alleen gaan of het is althans veel moeilijker. We hebben nood aan voorbeelden én tochtgenoten. Die vinden ze soms in een gemeenschap, een centrum en/of bij een leraar … Het is niet anders dan met andere zaken; het delen van lief en leed met anderen kan heel behulpzaam en inspirerend zijn.

De stille praktijk

Maar niets zo belangrijk als een persoonlijke praktijk. Stille meditatie is dé praktijk bij uitstek om onbevangenheid en niet-weten te leren in praktijk te brengen. Wanneer we mediteren, leggen we al onze uiterlijke activiteiten stil om direct in contact te treden met dat wat zich hier-en-nu in ons leven aandient. Meditatie is niet dromen over grootse verwezenlijkingen of over openheid en niet-weten. Het is in de eerste plaats tot onze consternatie vaststellen hoe bevooroordeeld en “weterig” we wel zijn, vaak niet het minst ten aanzien van onszelf.

Voor onze eigen geest verschijnt hoe onderscheidend denken en oordelen het grootste deel van onze kostbare tijd in beslag neemt. En we kijken ernaar als een toeschouwer, alsof het een film is die zich voor onze ogen afspeelt… Willen we het volhouden, dan moeten we wel mild zijn met onszelf, niet oordelen over ons oordelen. Zo maken we ons beetje bij beetje vrij van onze ballast van weterigheid. Leraren van alle tijden benadrukken dat er nooit genoeg aandacht besteed kan worden aan deze oefening. Het maakt ons niet alleen zacht, open en mild voor onszelf maar daardoor ook voor anderen.

Zen Garden Meditation Accessories |

Tegelijk met het doorprikken van onze weterigheid in meditatie kunnen we dit ook oefenen in ons dagelijks leven. Hoe benader ik een bepaalde situatie of persoon? Handel ik vanuit een open houding of ben ik vooringenomen? Dat is een heuse uitdaging en vraagt een volgehouden alertheid, waakzaamheid en doortastendheid.

Niet-weten maakt ons ten slotte kwetsbaar en tegelijk sterk. We gaan in het oog van de storm staan; we ontvluchten niet wat zich op ons levenspad ontvouwt maar we laten ons ook niet uit onszelf slingeren daardoor. In niet-weten bevinden we ons op het kruispunt van verlangen en kwetsbaarheid. Op die manier treden we in de voetsporen van spirituele zoekers uit alle tijden en tradities… met vallen en opstaan.

Geert Acke

Wil je je verder verdiepen in de materie? Dan is de volgende site van Hans Van Dam een absolute aanrader : http://www.nietweten.nl

Het begrip non-dualiteit wordt verder uit de doeken gedaan in volgende filmpjes:

Nondualiteit, wat is dat? | Onbestempeld |Zen.nl Nederland | Wat is dualisme en wat non-dualisme?

Noten bij deze bijdrage:

(1) Vaderspreuken – Gerontikon, Vertaald en ingeleid door Christofoor Wagenaar. Monastieke Cahiers 10-11 Bonheiden, 1978-1979, Antonius de Grote, 17

(2) Over God wil ik zwijgen, preken en traktaten van Meister Eckhart (ca. 1260- ca. 1327), vert. C.O. Jellema, Historische Uitgeverij Groningen preek 4, p. 35

(3) Koans zijn een soort van paradoxale raadsels of oefeningen die een zenmeester aan een discipel geeft. Deze zijn zo geconcipieerd dat je er met dialectisch denken niet aan uit kan. Je moet dus ahw out of the box en uit je gebruikelijke denkpatronen treden om ze van binnenuit te vatten. Ze zijn bedoeld om de leerling tot non-dualiteit te leiden.

(4) Eigen vertaling op basis van verschillende bronnen. Engelse vertalingen : zie https://terebess.hu/english/hsin.html

Vertaling Hakuun Barnhard (Wok en water hermitage – Order of the Buddhist Contemplatives, Langelille, Friesland – Nederland): Vertrouwen in wat je bent, 2018 https://www.wolkenwater.nl/multimedia-archive/hsin-hsin-ming/

Vertaling Luc De Winter (Ho Sen Dojo Antwerpen) : Vestigen van vertrouwen in het hart. https://zenantwerpen.be/vestigen-van-vertrouwen-in-het-hart-shinjin-mei/

(5) The book of serenity : One hundred zen dialogues, translated and introduces by Thomas Cleary, Shambhala Publications, 2005