Mayonaise moet pakken, toch?

“De taal kan de voorloper van het handelen zijn”, zei Angela Merkel tijdens een opvallend interview. Taal kan verbinden, en ontbinden, kan aanzetten geven of ontnemen. Woorden doen er dus toe. Jan Glorieux ontdekte dat de meeste talen vrij argwanend staan tegenover alle vormen van “mengsels”. Hij dook daarom de keuken in en neemt ons mee doorheen de woordenwereld van soep, mixen, moes en zootjes, en stelt daar enkele kanttekeningen bij.

Gedachten bij de soep en andere mengsels

Deze column start bij een taalkundige observatie bij soep en andere mengsels. Het lijkt er op dat we die geregeld associëren met problemen. We zullen bijvoorbeeld opmerken dat iets “in de soep dreigt te draaien”, of we stellen vast dat iemand “in de puree zit”. De lijst van dergelijke uitdrukkingen met mengsels lijkt lang, en de regel dat mengsels al eens argwaan opleveren of niet evident zijn, lijkt ook te gelden in andere talen. Kun je uit dat taalgebruik of die gastronomische toestanden iets afleiden? We bekijken diverse aspecten van het mengen vanuit een etymologische hoek.

Het mysterie van het mixen?

Als we aan soep denken, denken we vermoedelijk vaak aan mixen. Normaal gezien lijkt het simpel: mixen is mengen. In het Duits gewoon mischen. Van hier gaan we naar de woorden mêler, mélanger, in het Frans, allemaal verwant met het Latijnse miscere. Blend wordt  echter ook vaak gebruikt. En het gelijknamige toestel – de blender – nog vaker, zelfs in het Nederlands. Een interessant punt: dit verwijst naar het maken tot één consistent geheel, wat met blijken en blind verwant lijkt. Een mogelijkheid is: blenders maken (reduceren) tot één blanke, blinkende massa. Iets dat af is, één geheel. Let op: dit is een interpretatie.

Er zijn nog varianten. Zoals het dialectische mengelen, Dat beklemtoont het frequentatieve: het is een zich herhalend gebaar, mengen kan je normaal niet in één keer, zo lijkt het.

Soep Foto's - Download gratis afbeeldingen - Pixabay

Mingle bestaat ook in het Engels, en daar is zeker een geurtje aan:  iets mingles easily of je kunt mingle something. Maar als wij mengelen associëren met een “mengelmoes”, dan lijkt dat niet bepaald veelbelovend: teveel ingrediënten die tot moes leiden, als een smakeloze massa, als niet te ontwarren.

Het lijkt dus enerzijds het resultaat van een inspanning (herhaling), en een gevaar kan zijn dat het mengsel verwordt tot moes. “Ontaardt” tot moes?

Hoe kan ik mixen?

Mengsels komen op verschillende manieren tot stand. Mixen als technologische ingreep is maar één van de vele. Maar denk ook aan meer traditionele keukengerief. Bijvoorbeeld aan de klopper: door een (agressieve) beweging worden de elementen vermoedelijk fijngeslagen (beklopt…) zodat ze in elkaar opgaan. Of aan de stamper (of vijzel): spreekt voor zich. Zonder stampen geen stoemp of stamppot.

Of neem huts(e)pot. Dan moet je husselen, weer een iteratieve (herhalende) vorm van hutsen, schudden. We weten echter dat we zaken ook door elkaar kunnen husselen. De shaker verwijst strikt genomen niet naar het mengen, wel naar het schudden dat tot het alcoholische mengsel leidt dat wij kennen als een cocktail en mocktail.  Allemaal interessant keukenmateriaal, maar als je erbij stilstaat, ogenschijnlijk niet ongevaarlijk…

File:Vlaamse Hutsepot.jpg - Wikimedia Commons

Nog tussendoor: is roeren ook gewelddadig? Nou, ‘roeren” is eigenlijk bewegen, en doen bewegen. “Daar roert entwat”, schreef Gezelle: “daar beweegt iets”, en wij zitten soms zelf roerloos, maar zelden bij het riet. Nee, wij roeren alleen nog in de keuken, met een heel specifieke beweging, en wij raken geroerd, of ontroerd, als iets ons hart in beweging brengt.

Opvallend tot slot: de fameuze deegrol gold als een machtsinstrument, maar iemand rollen lijkt nog niet danig gevaarlijk – want zelfs een zakkenroller rolt alleen de zakken binnenstebuiten.

Hoe dan ook: dit is mogelijk of ogenschijnlijk een bedenkelijk klein aspect van het kookgebeuren waaraan wij zelden denken: vaak geen gerecht zonder “keukengeweld”. Maar natuurlijk is het verdict: onschuldig aan geweld, lijkt mij, zolang het om de ingrediënten gaat. Maar je kunt je wel afvragen of voor integratie enige vorm van macht of dwang op een bepaalde manier nodig zou kunnen zijn?

Ten andere: massa’s (ook vaak mengsels) ontstaan alleen door kneden, net zoals massages. Maar een massa kan even verdacht lijken als moes.

Is mixen, euh, gevaarlijk?

Nu, mijn mixer is niet mijn favoriete keukeninstrument, omdat ik liever de groenten herken, en omdat mijn persoonlijke, niet meer zo jonge huismixer, een hoog, snerpend geluid produceert. En hier zien we mogelijk al iets als twee “potentieel problematische” facetten.

Het eerste gaat over herkenning. Veel mensen willen alleen een gemixte, eventueel ook gezeefde soep, waar alle ingrediënten visueel bijna onherkenbaar samenkomen maar waarbij anderzijds des te meer een delicate mix (fusie?) van diverse aroma’s te ontwaren valt. Voor mezelf eet ik liever een groentemengsel.

Maar daarnaast is er dat snerpen! Het snerpen herinnert mij aan een ander aspect: “die arme eieren, groenten, moeten eraan! Zij moeten gereduceerd worden, klein gemaakt!” Pas dàn kunnen ze opgaan in het geheel of krijgen we ze echt gemengd. Dat herkennen we bij het mayonaise maken in de titel: een zaak van intensief mengen – zeker – maar ook de ingrediënten laten “verbroederen”, samengaan.

Just Mayo bedreiging voor eierindustrie' - Foodlog

Door de kracht (of macht) van het ding komen we zelfs tot perfecte integratie of dus een geheel, een samensmelting. Uit olie, ei, azijn en zout ontstaat een samenhangend, con-sis-tent, product, dat wij na deze “schepping” kunnen op-scheppen, niet oplepelen. Iets dat staat dus, niet iets dat loopt.

Het heeft mij decennia gekost om te beseffen dat een mixer in eerste instantie vooral snijdt, fijn snijdt, in stukjes hakt, en op die manier een/de fusie mogelijk maakt. Een mixer is eigenlijk weer wat gewelddadig.

Jawel, daar zijn we weer. We willen vaak naar een fusie, met bijna onherkenbare ingrediënten. De mayonaise moet pakken om geslaagd te zijn. Maar is een echte fusie ook het lekkerst? En nog: moeten mensen zich aanpassen? Nog sterker: “moeten mensen bewerkt worden om in een “mengsel” op te gaan?”

File:Diversity and Unity.jpg - Wikimedia Commons

Nog een opvallend feit – met dank aan etymonline.com: miscere in het Latijn is “verbroederen” of minstens “laten ontmoeten”. Jawel, maar soms ook “in verwarring brengen”!

Keukengeweld: te doseren!

Dat geweld moet bijvoorbeeld blijkbaar gedoseerd worden. Als je mengt en vooral mixt, maar te lang of te veel, dan ontstaat er bij mensen soms een mix-up: een verwarring door een totaal mengsel (up is perfectief: eat up, drink up). Of: als je hutsepot maakt, dan is er – bij figuurlijk gebruik –  gevaar dat we alles door elkaar husselen (hutselen), “dooreen” in Vlaanderen… Dat is in Vlaanderen trouwens op zich een probleem: als iets “dooreen (door elkaar)” ligt, dan is er verwarring. Ook dooreenhalen impliceert al irritatie. En iemand dooreenschudden is zowat misdadig.

In het Duits zie je heel vak unter- verschijnen in culinaire termen. Unterwürfeln betekent in zulke kleine teerlingen (WÜrfel) snijden (brunoise) dat je alle groenten “eronder” krijgt – en dat mag je fundamenteel als een machtsgreep bekijken: een kok of chef manipuleert zijn ingrediënten, zet ze naar zijn hand, met allerhande tuig.

Vermengen bijvoorbeeld is intensief mengen, en wijst op een doel (perfectief), maar impliceert geregeld taalkundig iets pejoratiefs: verdromen, verhoren, verdenken, enz. Maar in de keuken lijkt dat gelukkig minder courant. Dus: als er gecontroleerd geweld is, dan kan dat nog in orde komen.

heibel in culinaire termen

Als het fout gaat, krijg je heibel in culinaire termen.

  • In Nederland  krijg je een zooi of zootje, of gewoon rotzooi. Zoals wanneer je kip lekker kookt (of ziedt, ooit) met groenten; Gentse waterzooi. Dan heb je een “mooie zooi”, maar het wordt een zootje als alles kapot gekookt wordt.
  • Dan rest alleen mikmak, kun je in deze contreien horen. Dat is normaliter pejoratief. Maar anderzijds, net nog gelezen in Leef van 17 oktober: “Tien helpsters met zeven verschillende culturele achtergronden”, heeft de dementerende Maria, verklaart Omer, haar man en mantelzorger. En hij voegt eraan toe: “Brussel op zijn best: een mikmak.” Interessant is dat hij nog toevoegt: “Dat voelde eerste ongemakkelijk aan. Anderzijds brengt het variatie, en Maria schijnt dat te appreciëren.”
  • Of je maakt of krijgt potjes. Zoals “één pot nat”, met opnieuw hetzelfde probleem. Vaker zijn potjes niet aantrekkelijk: “Je hebt er echt wel een potje van gemaakt”, terwijl het potjesvlees in de Westhoek nuttig (bewaar-baar) en lekker is.
  • Of dan rest eenheidsworst: worst die geen eigenheid (identiteit) heeft. Onzetaal.nl verklaart: “Ooit was de eenheidsworst een echte worst. Tijdens de Eerste Wereldoorlog was Nederland neutraal, maar de voedselschaarste nam gaandeweg wel toe. Begin 1918 ging het vlees op de bon’ en werd bovendien bepaald dat het alleen nog als ‘eenheidsworst’ verkocht werd, een worst die gemaakt werd van goedkoper vlees. Overigens was dat een Duitse uitvinding; in november 1916 werd een dergelijke maatregel al in Berlijn ingevoerd.”
1.264 videoclips en footage met Puree - Getty Images

Maar soms stinkt het woord wel ietwat, binnen de context. Puree is lekker, soep is lekker, ratatouille is lekker, maar zie… Aan dergelijke mengsels (maar niet alle) hangt of zit soms een geurtje, of het smaakt net niet gewoon.. Bijvoorbeeld:

  • Als iets in de soep draait, dan is dat niet leuk.
  • Puree is vaak ook zo’n fijne mix, maar als we in de puree zitten, dan… 
  • Ratatouille vind ik persoonlijk heel lekker, maar als je in de rats zit (kort uitdrukking voor ‘ratatouille’), nou, dat is anders.
  • En nog iets: er zijn bijvoorbeeld ook mensen die hun auto in de prak rijden. Misschien vooral Nederlanders want sommigen van hen prakken graag hun eten: ze prakken – of smijeren in het Tiegems – hun aardappelen, groenten, eventueel vlees en wat jus met hun vork tot een behapbaar mengsel.

Nog twee uitsmijters tot slot, mogelijk als slot

Worst, om te beginnen. Es ist mir Wurst, zeggen de Duitstaligen geregeld. Letterlijk ‘het is mij worst’, maar vooral: het is mij om het even, het kan mij niet schelen! Waarom halen de Duitstaligen daar “worst” bij? Nu, bij nader onderzoek blijkt worst waarschijnlijk een mengsel te zijn geweest. Met zout of Salz/ sel erbij krijgt u saus-age/ sauc-isse, of chor-izo. Maar de diepste wortel (*wers-) blijkt te betekenen: “verwarren, to confuse, to mix up”: dus een negatieve vorm van mixen! Dat verklaart alles – of veel. Zelfs hier gaat het om mengen!

Zo heb je ook de massa. Ooit gesteld naast de menigte, door Luc Versteylen; stichter van Agalev. En dat klopt ook voor een stuk: menigte is vooral veelheid, maar in massa’s verdrinken wij, massa’s overspoelen ons, zo lijkt het wel.  Maar massa is verwant met masseren, en masseren is eigenlijk gewoon kneden.

Brood kneden houdt in dat je alle ingrediënten – en vooral de gist, vermoed ik – laat doordringen in het brood.

Vanaf nu kunnen we misschien ook de vraag introduceren: “Beste X, wil je mij eens kneden? Ik heb echt zo’n kneding nodig!”

Jan Glorieux – Woordwaarde, woordweelde