Het graf van Jotie T’Hooft: verwaarloosd en nagetrapt

Je doet een aankoop in de stad Oudenaarde en je hebt, geheel toevallig, te maken met een voormalig klasgenoot van dichter Jotie T’Hooft, overleden op 6 oktober 1977. De verkoper van dienst wees mij zijn graf en liet me verstaan dat velen niet begrijpen dat het graf nog steeds beroering veroorzaakt, ruim 43 jaar na zijn overlijden. Wat je aantreft op het kerkhof is niks minder dan een verwaarloosd graf, haast vergaan, vergeten, wachtend op een definitief einde.

Ik wist niks over de strijd omtrent het graf van Jotie T’Hooft, maar de emotie in de stem van de verkoper sprak boekdelen. Hij begreep niet dat het graf niet onderhouden werd, maar liet evengoed verstaan dat Jotie een rebel was geweest die net daarom omstreden is gebleven. “Drugs, seks, en feestjes, nietwaar”, zei de verkoper knipogend. Vervolgens trok ik naar de Dijkstraat.

Het kerkhof aan de Dijkstraat is een groot maar vrij desolaat kerkhof. Er wordt, naar het schijnt, haast niemand meer begraven, en dus bezoeken voornamelijk oudere mensen het kerkhof. Daar ligt ook het graf van Jotie T’Hooft, bekend van onder meer de bundel “Junkieverdriet”.

Iedereen in rep en roer

De hele culturele wereld en vele politici stonden in 2017 in rep en roer omdat het graf van Jotie verwijderd zou worden. Onder andere Elisabeth Meuleman (Groen) liet zich roeren. De levenswandel van T’Hooft werd meermaals luidop afgekeurd, maar de vraag rees of “drugs, drank en feestjes” een goede reden waren om een graf te verwijderen. Is het niet zo dat meerdere kunstenaars er een liederlijk leven op nahielden? Want dan moeten er vele graven de schop op.

Petitie, ondertekend door de Groten

Er werd in 2017 een petitie opgevoerd, mee ondertekend door coryfeeën zoals Tom Lanoye, Herman Brusselmans, Stijn Meuris, en toenmalig minister Bert Anciaux. Ook toenmalig minister-president Geert Bourgeois vond dat het graf behouden moest blijven. De strijd om het graf van Jotie was niet langer een gemeentelijke kwestie.

Een onbekende persoon bood aan de concessie te verlengen en na veel gekibbel werd beslist het graf te beschermen en te behouden. Tegelijk werd beslist een herdenkingssteen te plaatsen nabij het graf, of op een andere plaats.

Maar het graf ligt er verwaarloosd bij

Tijdens mijn bezoek aan het kerkhof kwam ik mensen tegen die in tegengestelde richting kwam: een dame en haar oudere moeder vertelden me dat ze net het graf van Jotie bezocht hadden, gezien het graf van hun naaste vlakbij gelegen was. “Je moet maar even gaan kijken, het is een schande hoe Oudenaarde omgaat met dat graf”, zei de oude vrouw nog, maar de jongere dame trok haar mee. De zwijgcultuur van Vlaanderen, het is zo.

Totaal overwoekerd ligt het te liggen. Het kruis is bijna verteerd en de naam van Jotie slechts moeilijk leesbaar. Ik voelde me wat ineenkrimpen. T’Hooft had ik nooit een geweldige dichter gevonden, en je moet inderdaad geen heiligen maken van mensen. Maar een graf behouden én beschermen betekent ook een graf respectvol onderhouden. Het leek bijna natrappen tegen de jongeman zelf. Een aanhoudend natrappen. No Mercy.

Want wie wint hierbij?

Jotie T’Hooft heeft er wellicht niet om gevraagd het graf te laten behouden. Maar zij die er wel om gevraagd hebben kunnen misschien een inspanning doen om een schep, emmer en kniptang te nemen, en de rit naar het graf van Jotie te ondernemen? Ook de stad Oudenaarde laat begaan.

Het lijkt dus dat de politieke strijd dan misschien beslecht is, maar Oudenaarde en de culturele wereld lijken niet klaar om eer te bewijzen aan Jotie T’Hooft, die vooral de jongste harten onder ons wist te beroeren. Dat er discussie is over de kwaliteit van zijn dichtend werk? Ok. Dat hij er een bedenkelijke levenswandel op nahield? We luisteren gedwee. Maar dit?

Doodgaan is een kunst zei E. De Maesschalck, maar blijven doodgaan?

Gedichtendag

Op Gedichtendag zou u een gedicht mogen verwachten. Eéntje van kaliber. Maar we willen daarnaast even stilstaan bij de dode dichters. Schrijvers van weleer die niet zo gemakkelijk lezen, of allang tot stof vergaan zijn, althans in de geesten. “Toegankelijkheid” is misschien een optie, maar het dwingt de schrijver tot toegevingen, die op hun beurt leiden tot een verarming van de schrijvende cultuur.

Zo’n dichter was ook Jotie T’Hooft, die schreef dat de dichter zelf een gedicht is. Een gedicht die eer betoont aan de vele vergeten dichters die je vandaag niet te lezen zult krijgen, of te horen. Alsof Jotie T’Hooft eer bewijst aan die vele andere dichters, eerder dan aan zichzelf. Het wordt tijd dat het tij keert in de harten en in de geesten. Want dit wordt stilaan een schandvlek.

De dichter is een gedicht

I don’t have any reasons
I left them all behind
I’m in a New York state of mind
(Kraftwerk)

De dichter is een gedicht, 24 uur per dag.
De dichter is een alchemist die van het lood
des dagelijksen leven het goud weet te maken.
Zijn gedichten spreken voor zichzelf.

Jotie T’Hooft

Wie meer wenst te weten over dit gedicht kan surfen naar de geanimeerde voorstelling, gemaakt door Muurgedichten. Het gedicht is ook te bezichtigen als muursteen in Leiden.

Thomas Holvoet