Een hymne aan de vrijheid

Als ik u vraag: “Waaraan denkt u bij het woord vrijheid”, en u begint te dromen, dan bent u het vast en zeker niet. Maar vrijheid dekt vele ladingen dus wie is deze auteur om dit voor u in te vullen? De betekenisgeving die ik in de armen sluit, leunt zeer goed aan bij “Heureux qui comme Ulysse”. Deze titel is tweemaal een gedicht en éénmaal een lied en een film. Wie wat ouder is zag misschien de film met Fernandel in de hoofdrol en Georges Brassens die er de muziek voor maakte. Geen andere prent verbeeldde de vrijheid en de band tussen mens en dier beter dan deze, en leert ons misschien iets in tijden van onvrijheid. Hélène De Braecker, cultuurfilosofe, neemt ons mee in haar vrijheidsdenken.

Enrico Colpi is een vergeten regisseur die in 1961 de Gouden Palm won met “Une aussi longue absence”, een scenario van Marguerite Duras. Colpi is niet van de minste. Hij werkte samen met Charlie Chaplin, Alain Resnais en ten slotte ook met Fernandel, voor wie hij “Heureux Qui Comme Ulysse” regisseerde, waarna de hoofdrolspeler overleed.

Afbeeldingsresultaat voor fernandel heureux qui comme ulysse
Fernandel

Het oorspronkelijke gedicht

Het oorspronkelijke gedicht werd geschreven in de 16de eeuw. Het werd geschreven door Joachim Du Bellay die na een verblijf van vier jaar in Rome, Frankrijk omschrijft met humanistische referenties en waarden om zijn vaderland en de taal te prijzen. Joachim du Bellay spreekt van un beau voyage, het gaat dan niet zozeer om de strijdende held, dan wel om iemand die een reis gemaakt heeft die mooi en dus leerrijk geweest is.

Hij heeft bagage meegebracht, hij is rijker aan ervaringen en inzichten geworden, met dat ‘meer’ kan hij thuis zijn voordeel doen – wijsheid groeit door het kijken. Ulysse is in dit gedicht niet Odysseus. Er is geen sprake van een wachtende vrouw, een verraderlijke zoon, een eer en een trofee. Ulysse is Elckerlyc. ‘De reiziger’ van Jan Van Nijlen. Enkel de eerste zin “Gelukkig die, net als Odysseus, een mooi reis achter de rug heeft” werd behouden door Georges Brassens voor zijn lied bij de film. Maar eerst het originele gedicht:

Afbeeldingsresultaat voor joachim du bellay heureux qui comme ulysse
Het oorspronkelijke gedicht

Het lied

Eén enkele maal zou een lied van Georges Brassens orkestraal uitgevoerd worden – Heureux qui comme Ulysse – gecomponeerd door Georges Delerue, voor de gelijknamige film. Het werd één van zijn meest emotionele chansons die, door velen, omschreven wordt als een hymne aan de vrijheid.

Afbeeldingsresultaat voor georges brassens
Georges Brassens

De film

De film werd uitgebracht in 1970 en gaat over een oude landarbeider in de Provence, Antonin, die door zijn baas opgedragen wordt een oud paard – zoals dit toen gebruikelijk was – over te dragen aan een picador om deel te nemen aan een stierengevecht, waar het uiteindelijk zou sterven.

Maar Antonin, de landarbeider, is zo gehecht aan het dier dat hij besluit dit niet te doen. In plaats daarvan trekt hij wandelend met het paard naar La Camargue , het natuurreservaat, waar hij het paard wil vrijlaten. Het wordt een echte roadmovie met Brassens op de achtergrond en de liefde tussen mens en dier op de voorgrond, uniek geportretteerd door Fernandel, in zijn laatste film. Hierbij een fragment met het lied van Georges Brassens.

De vrijheid

In het lied én in de film wordt de vrijheid relationeel verbeeld: echte vrijheid is niet mogelijk zonder de andere, die je bemint, diezelfde vrijheid te schenken. Of, sterker nog: zolang de andere rond je niet vrij is, is de eigen vrijheid niet totaal en eigenlijk losgemaakt van de samenleving rondom je. Of dat nu over een mens of over een dier gaat, de vrijheid is relationeel en ook contextueel. De vrijheid rondom je maakt eigenlijk hoe vrij je zelf kunt zijn.

Confronterend

Er is veel te doen over vrijheid in deze tijd, waar de “andere” tegelijk een broeder en ook een tegenstander lijkt te zijn. Het is de ander die je de vrijheid kan teruggeven, en het is de ander die ze kan tegenhouden of afremmen.

Nochtans is die band eigenlijk evident, en steeds aanwezig. Je bestaansreden in opperste vrijheid is eigenlijk een leugen zolang de ander diezelfde mogelijkheden niet heeft, net omdat een mens in wezen maar bestaat door het relationele, te beginnen in de moederschoot. Je bent wie je bent dankzij de betekenis die je door de anderen ontvangen hebt.

Het lijkt alsof we dat een beetje uit het oog verloren zijn. Althans, de evidentie ervan. Betekenis krijgen ontvang je in de eerste plaats door en bij de ander. Zonder die ander zijn we een stuurloos schip dat, eens het te oud is, opgeofferd wordt aan een darwinistisch denken, zoals ook het paard overkomen zou zijn. Uitspraken zoals “laat de natuur zijn gang maar gaan” past perfect binnen dit plaatje. Het gedicht, het lied en de film plaatsen “vrijheid” binnen een ander, meer humanistisch perspectief.

Hélène De Braecker, cultuurfilosofe

De film is enkel te koop, en onvindbaar online.