Interview met filosoof Ludo Abicht: “We moeten naar de pijn durven kijken”

“ALS DE STAD ANTWERPEN BRIEVEN UITDEELT OVER EEN VACCIN AAN DE JOODSE GEMEENSCHAP, IS MEN VERWONDERD DAT DIT NIET WERKT.”

Ludo Abicht is niet van de minste. Hij is één van onze grootste filosofen en is op hoge leeftijd nog steeds actief op zoek naar antwoorden, en naar de juiste vragen. In de jaren ’50 van de vorige eeuw was hij jezuïet. Nu is hij vrijzinnige en behorend tot een Antwerpse loge. In het interview met Spiranti benadrukt hij zijn overtuiging dat de levensbeschouwingen hun eigen pijn in de ogen moeten kijken, om van daaruit te leren samenleven. Geen gemakkelijke opgave in een tijd van digitale revolutie, secularisering en fundamentalisme.

Het zich terugtrekken uit de samenleving houdt volgens u een risico in?

“Ik heb 5 jaar gewoond in Ohio, in een kleine universiteit, middenin the bible belt. Een gebied vol mensen die bang zijn van vreemde invloeden, en de bijbel letterlijk lezen. Op zich vriendelijke mensen, maar hun visie op “hoe de buitenwereld kijkt naar waarden en normen wijzen ze resoluut af”. Dat maakt hen tot fundamentalisten, waar ze tegelijk trots op zijn. Dit fenomeen geldt ook voor bepaalde groepen binnen het Jodendom en de Islam. Ze hebben geen kranten, geen televisie etc…en zonderen zich af buiten de samenleving, uit angst beïnvloed te worden. Ze willen hun kleine samenleving gesloten houden.

U ziet dat als gemiste kansen?

Ik vind dat om twee redenen jammer. De rijkdom van hun tradities gaat op die manier verloren, net omdat ze met de rest van de samenleving geen band hebben. En het maakt dat ze weinig vatbaar zijn voor tekenen van buitenaf, bijvoorbeeld door de overheid. Wanneer de stad Antwerpen bijvoorbeeld brieven ronddeelt om bepaalde groepen binnen de joodse gemeenschap te sensibiliseren omtrent de corona-maatregelen, of de vaccinatiecampagne, dan zien ze dat als het begin van een nieuwe vervolging. In die mate zelfs dat ze die brieven beschouwen als de gele sterren die ze opgespeld kregen tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Zij zijn doodsbang van de buitenwereld en voelen zich eenvoudigweg bedreigd, net als de mensen in the bible belt in Ohio, toen ik ginds woonde. We kunnen ons die angst nauwelijks voorstellen, maar het is wel zo, en we moeten er een weg zien in te vinden.

Bruggenbouwers zijn nodig, maar krijgen die het niet steeds moeilijker?

Dat klopt volledig. Een Oost-Duitse zanger zong: “Ik sta niet voor of achter de Berlijnse muur, maar ik zit er bovenop, daar waar ik er vanaf geschoten word.” Dat geldt ook voor deze gemeenschappen. Men heeft zeer graag dat je aan de éne of de andere kant staat, wat veiliger aanvoelt. Het is een beetje alles of niks.

Dat heeft te maken met identiteit en houvast. Ikzelf ben geboren voor het concilie. We kregen op elke vraag een antwoord en twijfelen was geen optie. Het was een gesloten maar – in zekere zin – veilige gemeenschap. Voor mijn ouders en grootouders was dit de meest zinvolle formule. Maar het volledige wereldbeeld is uiteraard veranderd. De mensen van toen kwamen ook niet in aanraking met mensen uit andere zuilen, en alles werd voor hen gedaan, wat net die veiligheid bood. De zuilen boden in die zin bescherming en waren tegelijk ook een belemmering naar meer integratie en samenleven.

Deze mensen voelen zich dus bedreigd in hun identiteit, en in hun traditionele levenspatronen. Elke maal dat er iets verandert, is er een kramp. En veel weerstand, dat leidt tot onbegrip in de samenleving.

Hoe ziet u dit samen-leven bevorderd worden?

Ik zie dat als een uitdaging. Het moment dat je die verschillende levensbeschouwingen begint te bestuderen ontdek je een rijkdom aan benaderingen van het leven, soms anders dan de gelovigen zelf voor ogen houden. De geschiedenis van die levensbeschouwingen zit vol verrassende wendingen, en door dialoog – het beste tegengif – kunnen we daaraan werken.

Mensen zoeken wanhopig naar zekerheden, en zijn bang voor twijfel, maar ik vind dat twijfel begin is van de wijsheid.

Het beste tegengif is in dialoog gaan. Maar hoe doen we dat?

Om te beginnen moet je jezelf informeren, en ophouden met karikaturen te maken van elkaar. Ik ben al 30 jaar actief lid van de loge, maar ik heb wel gezien dat je ook in de loge fundamentalisten hebt. Het zijn vaak beroeps-anti-gelovigen.

Zo ging ik met Dirk Verhofstadt in debat. Toen mensen zonder papieren de kerken gingen bezetten zei ik tegen hem: “Toch wel vreemd dat die katholieken achterlijk zouden zijn, nu zij hun huizen, hun hart en hun portemonnee open doen. Wij beschikken over grote gebouwen, hebben het goed, maar slagen er niet in hetzelfde te doen. Dirk zei toen: “de katholieken doen dat enkel om hun ziel te redden.” Dat is zo’n karikatuur waar we dringend vanaf moeten. Het helpt ons niet vooruit.”

We weten dat we àlle levensbeschouwingen op zo’n manier kunnen brengen dat men niet langer met karikaturen werkt. Dat zou het belangrijkste werk kunnen zijn, alvast om mee te beginnen.

De bruggenbouwers zijn uit beeld verdwenen, moet je dan niet een stap verder gaan of moet je wijken?

Dat is waar, die bruggenbouwers zie je minder, maar je kunt het ook niet opdringen. Je kunt de mogelijkheid tot dialoog enkel blijven “voorstellen”. Laat ons kiezen voor de voorzichtige weg, maar er is wel verschil tussen dialoog en het compromis. Als we aan het compromis van onze grondbeginselen beginnen te rammelen geraken we in de problemen.

Een dialoog beluisteren waar alle levensbeschouwelijke leiders proclameren hoe geweldig ze wel zijn is saai en vervelend, en ze ontwijken de pijnpunten van hun eigen geschiedenis. Als je serieus in gesprek wilt gaan dan moet je rekening houden met de verschrikkelijke zaken die in die geschiedenis vervat zijn. Enkel “knikken” en een “beleefdheidsapplausje” bij een bejegende toespraak lijkt me niet meer van deze tijd.

U kijkt duidelijk verder, maar waar moeten we onze blik dan op richten?

Je moet durven dialogeren over het parcours dat zeer hobbelig is en de pijn van je eigen geschiedenis in de ogen kijken. In de film The killing fields zie ik de Rode vlag, en als socialist is dat belangrijk voor mij om dit onder ogen te zien.

Ik ben opgeleid bij de jezuïeten en kwam er in aanraking met het werk van de filosoof Heidegger, die zei: “waar raken we elkaar aan de bron?” Dat is een totaal andere invalshoek dan die ultieme zoektocht naar tegenstellingen. Hans Küng is zo’n voorbeeld. Hij schreef boeken over de verschillende monotheïstische godsdiensten, en hij geraakte daar – naar mijn gevoel – erg ver mee. Hij stapte over die tegenstellingen heen.

Het Christendom is ontstaan uit de profetische taak van het Jodendom, en daar zie ik een openheid. Christus confronteerde de theologen van zijn tijd en ging de dialoog aan met hen, in zoverre dat zijn eigen leerlingen het niet meer verdraagden. Hij overtrad vele joodse wetten, en ze begrepen er niks van. Hij stelde eigenlijk alles in vraag, en net dat moeten we zien te herwinnen: de openheid voor een kritische geest.

Wat leert u over de situatie van de moslimgemeenschap in onze land?

Ik zoek vooral naar teksten geschreven door moslims die zelf een kritische blik hebben op hun eigen godsdienst en de ontwikkeling daarvan, meer vanuit een wetenschappelijke hoek. Zo gaat één boek over kledinggewoontes, maar het werd geschreven door een moslim die anoniem wenst te blijven, uit angst bedreigd te worden.

Meer en meer begon ik te lezen vanuit het perspectief van moslims en leerde dat zij de komst van de kruisvaarders zagen als barbaars. Na de kruisvaarders volgde de afsluiting van de Middellandse zee, waardoor vele ontwikkelingen binnen de Islam stopten. Daarna kwam de koloniale periode waar ze onderdrukt werden. Toen kwam het zionisme die de Islam afwees. Op die manier kun je moslims begrijpen dat ze zich, eveneens, bedreigd voelen.

Dit maakt dat de “jihad” – “mijn inspanning om goed te leven” – soms een meer gewelddadige interpretatie heeft gekregen. Maar in wezen is de échte jihad een innerlijke inspanning om te streven naar het “goede leven”.

Zou paus Franciscus de boeken van Hans Küng ook genegen zijn?

Ik denk het wel (lacht).

Maar als je ziet hoe Küng en Ratzinger (de vorige paus: Benedictus XVI) uit elkaar gegroeid zijn….Ratzinger is voor mij een raadsel (zucht). In het begin van het concilie was hij een progressief man, maar hij dacht dat hij daarmee de Kerk zou kunnen redden en is toen radicaal van koers veranderd. Waarom?

Franciscus moet zeer voorzichtig zijn, en loopt op vele eieren. Maar stilaan moet hij toch het ambt voor vrouwen openstellen. Al weet ik dat hij daarmee misschien de gifbeker riskeert (grinnikt). Toch denk ik dat het in de goede richting gaat, hij zet stappen. Maar het gaat erg traag.

De toekomst van die Kerk ligt trouwens ook niet onmiddellijk in Europa. Ik was enkele jaren geleden nog in Rome, en het liep er vol met mensen uit de andere continenten. De oudere katholieken zie je er haast niet meer. We moeten daarom durven stellen dat gelovige katholieken uit het Zuiden, die niet altijd de meest open houding hebben, de noodzakelijke hervormingen niet onmiddellijk bevorderen. Maar Küng leest hij wel, dat ben ik zeker.

Interview: Thomas Holvoet

Ludo Abicht schreef o.m. “De Joden van Antwerpen” en “De Bijbel, een vrijzinnige lezing”