De afhakers

Het voorbije jaar werden we gekatapulteerd met broodnodige informatie over de pandemie. “Broodnodig” omdat we beter goed geïnformeerd worden als er gevaar dreigt. Herinnert u de eerste, dagelijkse meet-ups over de cijfers? Met z’n allen zaten we op het puntje, wat we met z’n allen niet volhielden, met of zonder applaus. Maar velen waren allang afgehaakt, en informatie als waarheidsinstrument werd nog nooit zo wantrouwig en afkeurend benaderd, als nu het geval. Wat is er aan de hand met de Vierde Macht nu de pandemie schijnbaar in een nieuwe fase terecht is gekomen?

Het was goed te weten dat er veel geschreven werd over de pandemie, want de laatste overlevende van de Spaanse Griep kon ons immers niet navertellen hoe het eraan toegaat gezien deze laatste pandemie meer dan 100 jaar geleden voorbij trok en ruim 50 miljoen slachtoffers eiste. De gezondheidszorg – het is een open deur intrappen uiteraard – stond niet op het niveau van wat nu mogelijk is, en de informatie over een pandemie was slechts bij enkelen bekend. Pas toen de televisie doorbrak kon je spreken van een democratiserend effect van informatie, en het internet voegde hier nog een geut aan toe.

Zekerheid versus risico

De nulkwetsurensamenleving, waar we zo naar verlangen, zal er nooit komen, maar we moeten toegeven dat een zeker beleid en richtlijnen kunnen helpen om het gedrag van de mens te sturen, om de dood tegen te houden en de zorg te ontlasten. Dan nog vallen er slachtoffers, maar die lijken aanvaardbaar omdat een virus niet zichtbaar is, laat staan dat je ermee in dialoog kan gaan. Het is geen vijand die onderhandelt over een wapenstilstand, of resoluties in een veiligheidsraad torpedeert met veto’s. Het is dus een te betwisten – weliswaar wetenschappelijk vastgelegd – gegeven, dat mensen uiterst onzeker heeft gemaakt. Onzichtbaar maakt onbemind en dus betwistbaar, zoals ik reeds stelde. En dat is voedsel voor de onzekere mens, die slechts gelooft in oplossingen, maakbaarheid en de sky die plots niet langer de limit lijkt te zijn. Complotdenken is dan niet veraf, want de mens heeft houvast nodig, binnen of buiten de feitelijke waarheid van opnames en slachtoffers die dagelijks passeren op het scherm.

Czechs fall for COVID-19 conspiracy theories – EURACTIV.com

De media moest wel

Gedwongen door de realiteit had de media de plicht mensen te informeren. Gedurende de pandemie zag je verschillende bewegingen binnen het medialandschap die helaas voor verwarring gezorgd hebben. De snelheid van publiceren en terug aanpassen van berichtgeving plus de hoeveelheid aan informatie waarbij de burger verondersteld werd deze te verwerken, maakte het zwaar voor mensen die plots geen tegenover meer hadden waaraan nieuws kon afgetoetst worden binnen het zogenaamde correctiegesprek. Daardoor werden mensen, op bepaalde tijdstippen, zeer afhankelijk van de enige informatiebron – afgesneden van hun meest dierbaren – en noopte het velen om tijdelijk of definitief af te haken, al was het maar om de geest gezond te houden.

Maar de afhakers waren er reeds langer

Velen herkennen zich niet langer in het aanbod van een medialandschap dat slechts één credo heeft: “toon de mensen wat ze willen zien”, met de achterliggende gedachte dat dit ook het meeste opbrengt in een context waarbij er een schaarste is aan middelen, en een markt die niet langer wenst(e) te investeren in reclame. Zo kwam er een tijdelijke pax media die de enkele mediahuizen verplichte samen te werken, om het onderste uit de kan te halen. Maar die duurde niet lang want Bart De Pauw en “zijn” uitzending op Telefacts (VTM) veroorzaakte wrevel, waardoor het getouwtrek kon herbeginnen. De burger zelf werd opnieuw met verwarring omhuld.

Wie zijn ze?

Die “velen” zijn uiteraard mensen die zich al langer gemarginaliseerd voelen in het aanbod. Ze hebben geen geld voor een abonnement en zien zich gemuilkorfd door een groep – laat ons eerlijk zijn – hoogopgeleide journalisten die minder weinig voeling hebben met de realiteit op het maatschappelijk speelveld. Daarenboven wordt het aanbod bepaald door de grootste gemene deler, waardoor het een dwingend en doctrinair tintje heeft gekregen, al was dat niet de bedoeling.

In Vlaanderen bijvoorbeeld mis ik een degelijk boekenprogramma, levensbeschouwelijke uitzendingen, programmatie gericht op de oudere bevolking, op mensen met een migratiegeschiedenis enzovoort. Ik zit al aan enkele miljoenen binnen de opsomming van een onvolledig lijstje. Moet er nog onderzoek gebeuren?

Social Media as a Means to Diversity - Strategic Finance

Mensen met een migratiegeschiedenis, levensbeschouwelijke bewegingen en langdurig zieken of werkzoekenden vielen dus al langer uit de boot. Soms krijgen ze een reportage, maar structurele verslaggeving, zoals bij een pandemie, die een agogisch schokeffect kan genereren, wordt hen onthouden. Terwijl die 500 000 langdurig zieken ook wat ruimte verdienen, lijkt me. Nee, ik zwijg over buitenlands nieuws. Dat is een ander en complexer gegeven dat haast verdwenen is tot pagina 11 in je dagelijkse krant, indien ze nog gekocht wordt.

Ook laag opgeleiden, mensen die het pad afgeweken waren, een aberrante visie hebben of om bepaalde redenen tegenslag hebben gehad, waardoor hun psychische draagkracht niet langer standhield, haakten af. Was het niet voor 2020, dan wel tijdens die moeilijke, eerste en tweede lockdown.

Covid Causing A Global Mental Health Crisis, Warns Red Cross

Subsidies

Velen hakken graag op VRT, maar vergeten de miljoenenpotten voor de andere mediagroepen, die zich stukken minder moeten behartigen over partijdigheid, en dus richting kiezen, en sommigen het zwijgen opleggen. Zo zijn er kranten die, zeker op regionaal vlak, het CBS (College van Burgemeester en Schepenen) graag van dienst zijn, omwille van de scoops, maar in ruil de oppositie minder het woord geven. In een bekende centrumstad is het zelfs zo dat een partij niet langer investeert in gewone media, maar in 2024 hoopt op de kapotte plakkaten en de deur-aan-deur-bezoeken. “We worden niet meer gehoord, wat we ook zeggen.”

Het kaf moet van het koren, zeker op sociale media

Ik lees graag hoe de reguliere én alternatieve media kritiek leveren op de grotere sociale mediaplatformen, die ze ervan beschuldigen niks te ondernemen tegen vals nieuws, haat en racisme. Maar ze maken er wel graag gebruik van omdat het clicks oplevert en dus reclame-inkomsten en goede rapporten voor overheden en andere stakeholders.

Nochtans zijn ze het zichzelf verplicht te werken aan oplossingen om de polarisering tegen te gaan. zo is er de code voor de raad van journalistiek. Die is duidelijk:

Daar wordt vaak niks mee gedaan. Of tijdelijk. Of sporadisch. Of experimenteel. Maar het komt zelden tot het opnemen van structurele verantwoordelijkheid t.a.v. de eigen krijtlijnen, en dus gaat de verwijdering verder.

Kortom, laat het ons zo stellen: àlle mediakanalen hebben de plicht om hier iets mee te doen. Alleen is er geen dwingend orgaan, tenzij de Raad voor Journalistiek, die het onder de loep neemt. Goed dat er journalistieke onafhankelijkheid is, maar kom niet jammeren als de polarisering toeneemt, terwijl je er zelf nauwelijks gewicht tegen geboden hebt. De kip of het ei? Ik denk beide, en dat lijkt me een genuanceerde positie om bemoedigend nieuws te brengen: er is een kost aan, maar de baten zijn groter.

Oplossingen

Ethische codes zijn er niet om op papier te staan, maar om nageleefd te worden. En als dat niet langer kan, dan stop je er beter mee. Het zal je geld kosten, maar je zult de afhakers reeds deels terug op die grote boot krijgen.

Daarenboven lijkt het me opportuun dat de CEO’s hun winstmodellen anders inrichten, zodat de clicks niet langer het doel zijn, maar een middel om nieuws te brengen, zoals het hoort. En zoals het hoort betekent: zo volledig mogelijk, en dus desnoods wat trager. Maar dan moeten die journalisten dat wel mogen van hun Raden van Bestuur, hoofd- en eindredacteurs, wat ik niet onmiddellijk zie gebeuren. Hoe komt het toch dat er zo weinig “oudere” journalisten het vak volhouden?

Clickbait, what is it and why do people use it? | Fake News & Social Media

Ook gezond boerenverstand zou kostbare tijd doen winnen. Ik ben niet weerbarstig tegenover academische onderzoeken, maar er liggen oplossingen voor het rapen die de afhakers terug aan boord kunnen helpen. Het probleem is dat die geld kosten. Het lijkt, voor de media, momenteel een zoektocht naar een antwoord op de hamvraag: “hoe krijgen we de afhakers terug aan boord, zonder dat onze winstmarges onder druk komen te staan?”

Dat lijkt me niet houdbaar. Er komt een punt waarop ook journalisten stoppen met schrijven, omdat ze hun werk niet langer naar behoren kunnen doen, onder de tijdsdruk van de tientallen artikels die gepushed dienen te worden, wat de consument er ook over denkt. De afhakers zullen – evidence-based – ten dele terugkomen. Maar zoals elke symptomatische aanpak, zal het probleem dat op de achtergrond broeit niet verdwijnen, en dus terugkomen. Een bak Westvleteren durf ik hier wel op te verwedden.

Die consument denkt er het zijne over

En daarom zal het niet gemakkelijk zijn om “binnen het bestaande model de afhakers terug aan boord te krijgen”. Als de groepen – de kleine en grote mediagroepen – blijven zweren bij betalende modellen, terwijl zij die het vroeger niet konden betalen gewoon de krant leenden bij de buurvrouw, dan is er een probleem van vervreemding en ontkenning. Als je als televisiekijker enkel nog veramerikaniseerd wordt, ten koste van een goede programmatie zonder eeuwigdurende zomers vol herhalingen, dan is er een probleem. Als je je niet langer herkent in een aanbod die te weinig aandacht geeft aan maatschappelijke vraagstukken waar je zelf onder lijdt, dan haak je af. En als mediahuizen begrepen hebben dat je eenvoudigweg kunt teren op onzalige klusjesmannen, de smerigste beroepen en voyeuristische liefdesexperimenten, dan geef je de massa-consument zeker wat die te zien wil krijgen, maar dan heb je er tegelijk niks van begrepen.

Ik zou niet in de schoenen willen staan van zij die denken dat het toch nog mogelijk is om het bestaande model overeind te houden.

Thomas Holvoet